Menu ☰ Woongenootschap Het Rotterdams Het Rotterdams
Woongenootschap
Word lid!

Genossenschaften-expert Han van de Wetering

Het Rotterdamse Woongenootschap als investering in de inclusieve stad

Naast stedenbouwkundige is Han van de Wetering ervaringsdeskundige als het om Genossenschaften gaat. In beide rollen onderschrijft hij de toegevoegde waarde van deze woonvorm. Niet voor niets leverde hij waardevolle input voor zowel Het Rotterdams Woongenootschap als het Stadmakerscongres 2017. Een woongenootschap biedt een stad en diens bewoners veelzijdigheid en vrijheid, dat was zo’n beetje de strekking. “Gebruik het Woongenootschap als stedenbouwkundig instrument! Het biedt veel meer dan alleen woningbouw.”

Toen architect Ninke Happel in Zürich kennismaakte met de Genossenschaften aldaar, wekte dat een boel vragen op: Hoe kan het, die hoge kwaliteit van bouw? Hoe kan het, betaalbaar wonen in de stad? Ze stuitte op een artikel dat al die zaken uit de doeken deed, geschreven door Han van de Wetering. Hij vertelt: “Ninke nam contact op en vroeg me of iets dergelijks zou lukken in Nederland.” Samen doken ze in het onderwerp en dienden een plan in voor het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie. De rest is geschiedenis.

Het is jammer én een gemiste kans dat de stad zelf nu niet geldt als goede woonsituatie

Han is niet verrast door de aandacht voor het initiatief. “Het is een belangrijk en actueel thema, goed wonen middenin de stad. Ik vind het zelf erg jammer dat een groot deel van mijn Nederlandse vrienden Rotterdam heeft verlaten voor een buitenwijk of randgemeente. Ze verhuizen zodra ze kinderen krijgen of stellen meer eisen aan hun woonomgeving naarmate ze ouder worden. Het is jammer én een gemiste kans dat de binnenstad voor velen nu niet geldt als goede woonsituatie. Zelf woon ik midden in Zürich en dat bevalt zeer goed.”

Niet kopen, wel goed wonen

Nederland biedt nog geen goed alternatief voor het kopen van een huis, denkt Han. “Kopen is voor velen de enige optie, de logische stap.” Met een baan komt een beter salaris, veranderen wooneisen en is een (groter) huis kopen een logisch gevolg, registreert hij. “‘We moeten investeren, want we moeten vermogen opbouwen,’ is de teneur. Maar als je op die manier écht geld wilt verdienen, zul je vaak moeten verhuizen en verbouwen. En dat doen maar weinig mensen. Velen zijn zich simpelweg niet van andere opties bewust. Bij stedelijk wonen wordt gedacht aan sociale woningbouw óf heel dure appartementen. Dat mijn Nederlandse vrienden dus met verbazing reageren als ze me hier in Zürich opzoeken, vind ik leuk.” Het kan inderdaad anders! Han woont met zijn gezin in een Genossenschaft in hartje Zürich. Met 130 m2 heeft hij een ruim appartement, een groot balkon en geniet hij van alles wat de stad te bieden heeft, voor een goede prijs. “Zürich is een prijzige stad om te wonen,” vertelt hij. “In de particuliere sector betaal je voor een vierkamerappartement zo’n 3000 Franc, dus 2500 euro per maand.” De vele Genossenschaften in Zürich – er zijn er nu ruim 250 – houden de gemiddelde woonlasten in Zürich in toom.

Uitgangspunt: betaalbaar, goed en gemeenschappelijk

Betaalbaar wonen in de stad is de belangrijkste pijler van het Genossenschaft. Han: “Wij betalen voor een vijfkamerappartement omgerekend 1600 euro per maand. Dat is zeer betaalbaar en de kwaliteit van wonen is erg hoog.” Die kwaliteit zit ‘m in de opzet van de woning, verklaart hij. “Het huis heeft een goede plattegrond, de kamers zijn van een fijne grootte. Als je hier een woning betrekt dan tref je een complete keuken aan, met alles erop en eraan: een goede oven, een vaatwasser. We hebben bovendien een groot balkon én gemeenschappelijke buitenruimte waar veel activiteiten worden georganiseerd. Vooral voor mensen met kinderen is dat van grote waarde.” Dat ervaart hij zelf dagelijks. “Steden zouden open moeten zijn, net als Genossenschaften,” vervolgt Han. “Hier wordt expliciet naar een goede mix van mensen gezocht. Het overgrote deel van de bewoners in ons complex behoort tot de middengroep, van de onder- tot de bovenlaag. Ongeveer tien procent van het complex bestaat uit sociale woningen.”

Als je je buren kent en respecteert, maakt het niet uit wie ze zijn

Het contact met medebewoners is goed, vertelt Han. “Natuurlijk ken je de een beter dan de ander, maar in de basis kennen en respecteren we elkaar. En als die basis er is, maakt het niet uit wie ze zijn. Of het nu een Kosovaar is, of een bergbewoner uit de Zwitserse Alpen: je deelt dezelfde woonplek en faciliteiten.” Zo kun je ook een beroep doen op elkaars expertise, verklaart Han. “Onze buurman uit Kroatië is tuinman en onderhoudt ook de gezamenlijke tuin, dat is ontzettend handig.” In de foyer van het gebouw ontmoeten Han en zijn buren elkaar. Daar ontstaat begrip, wederzijds respect of zelfs vriendschap.

Het Rotterdams Woongenootschap, een kans voor Rotterdam

Na zijn studie in Delft verhuisde Han in 2000 naar Rotterdam. Het was lastig een geschikte woning te vinden. “Als starter werd je gedwongen iets te kopen, want goed huren was particulier te duur. Dat is het nog steeds. Voor Rotterdam is Het Rotterdams Woongenootschap daarom een kans: het kan de stad vooruit helpen.” Dat was tevens de boodschap die hij deelde tijdens het Stadmakerscongres. Daar vertelde hij dat een Woongenootschap niet hoeft te berusten op één model. “Ik wilde het spectrum ervan aantonen. Dat vind ik in Zürich het leukste, de verschillen tussen Genossenschaften. De veelzijdigheid ervan maakt een stad dynamisch en spannend: denk aan de keuze voor autovrij wonen of aan een genootschap specifiek voor alleenstaande vrouwen. Er is veel meer mee te doen dan slechts woningbouw, dat was min of meer mijn verhaal.” In Zürich vormen Genossenschaften een integraal onderdeel én gratis vorm van stadsontwikkeling, vertelt Han. “De overheid hoeft alleen land te bieden, de goede projecten dienen zich vanzelf aan.” Pluk daar als stad de vruchten van, roept hij op. “Gebruik zo’n woongenootschap als stedenbouwkundig instrument en doe er je voordeel mee op lastig te ontwikkelen plekken in de stad, langs spoorlijnen bijvoorbeeld.”

Sociaal-culturele stadsontwikkeling

Hoewel er in Zürich vanuit de politiek ook veel kritiek is op de Genossenschaften – de grond kan immers ook goed worden verkocht – ziet Han het als een investering in de toekomst van de stad. De inclusieve stad, welteverstaan. “Bij particuliere ontwikkeling staat vooral de woning, en niet de gemeenschap, centraal. Een belangrijk thema in Zürich is de verdichting van de stad, maar ik vind het ook interessant om de mensen centraal te stellen. Niet de stedenbouw van volumes, maar van het sociaal-culturele. ‘Voor wie bouwen we nu eigenlijk?’, is een belangrijke vraag in het debat over hoe we wonen in de stad weer attractief kunnen maken.”

Kijk niet alleen naar de stedenbouw van volumes, maar ook naar het sociaal-culturele aspect!

Nu is het tijd om spijkers met koppen te slaan, vindt Han. “We moeten de haalbaarheid ervan aantonen. Daarna zal de discussie hierover alleen maar toenemen, net als het animo,” zegt Han resoluut. Hij is overtuigd van het concept en de verpersoonlijking van het gedachtegoed erachter. De meerwaarde boven kopen? Je geniet meer vrijheid, vindt Han. “Een derde van het inkomen van Nederlanders wordt besteed aan woonlasten. In Zwitserland is dat een kwart en bij Genossenschaften nog minder. Je bespaart op vaste lasten en hebt dus meer geld voor andere dingen.” Zoals een concert bezoeken of uit eten gaan bij dat restaurant om de hoek. De stad ligt immers aan je voeten!

Over Han van de Wetering

Lastige plekken leefbaarder maken, dat is waar Han zich in het dagelijks leven mee bezighoudt. “Daarbij kijk ik in tegenstelling tot veel anderen in mijn vakgebied juist ook naar het sociaal-culturele aspect. Ik vind investeren in gemeenschappelijke ruimten waardevol omdat het de stad aantrekkelijker maakt.” Ook de afstemming tussen stedenbouw en verkeer heeft zijn bijzondere interesse. “Hoe gaan we in de moderne stad met mobiliteit om? Dat vind ik een belangrijk vraagstuk en het is momenteel een belangrijk onderdeel van mijn werk. In een voorstad van Zürich maakten we een structuurconcept voor een drukke weg met veel verkeer. Hoe ga je op zo’n plek om met emissies van lucht en lawaai? Hoe organiseer je het verkeer en de gebouwen ten opzichte van de straat? Langzaamaan komt er minder plek voor auto’s en meer voor openbaar vervoer. De uitdaging hier is van een vervelende plek een mooiere en representatieve plek te maken.” Dat is belangrijk voor de leefbaarheid, gemeenschap en toekomst van de stad, vindt Han. Net als de Genossenschaften zelf.

Qua mentaliteit doet Zürich me aan Rotterdam denken

Han hoop dat Het Rotterdams Woongenootschap net zo’n succes wordt als de Genossenschaften in ‘zijn’ Zürich. De stad die hij – hoewel niet volgens plan – waarschijnlijk nooit meer verlaat. Hij koos tijdens zijn studie in Delft voor een uitwisseling, studeerde vervolgens in Zürich af en werd door zijn professor gevraagd om bij bureau Metron te werken. “Ik was van plan dat twee jaar te doen, maar dat werden er zes!” Hij woont er inmiddels ruim 17 jaar, inmiddels met vrouw en kinderen. “Zürich is een ontzettend fijne stad. Qua mentaliteit doet het me aan Rotterdam denken.” Als dat zo is, belooft dat wellicht eenzelfde bloeiende toekomst voor de woongenootschappen in de Maasstad!

Meer lezen